Door Jürgen Klute

Hoe voelt het om naar een ander land te verhuizen – of dat nu is omdat je daar een beter leven hoopt te vinden, omdat je in je land van herkomst wordt vervolgd of omdat je een deel van je familie volgt dat al is geëmigreerd om weer als gezin bij elkaar te zijn?

Het kleine en ietwat verborgen industriemuseum “La Fonderie” in de Rue Ransfort 27 in de Brusselse gemeente Molenbeek nodigt je tot 28 juni 2026 uit om je in deze situatie te verplaatsen in het kader van de interactieve tentoonstelling “Beldavia – jouw nieuwe thuishaven”.

In het trappenhuis op weg naar de tentoonstelling, die zich op de eerste verdieping van het museum bevindt (er is ook een lift), worden de bezoekers geïnformeerd over de belangrijkste regelingen in het internationaal recht inzake migratie.

Foto: Jürgen Klute

Boven aangekomen wordt men eerst tegengehouden door een exotisch geklede bewaker. Want zomaar Beldavia binnenlopen kan niet. En de bewakers spreken ook geen Frans of Nederlands – ze spreken de taal van Beldavia.

Bij binnenkomst in het museum werd je al gevraagd om een rol te kiezen: economische vluchteling, asielzoeker of gezinshereniger. Nadat je een rol hebt gekozen, krijg je een bijbehorende elektrische ID-kaart en een bij de rol passende handleiding (FR en NL).

Maar voordat men toegang krijgt tot Beldavia, wordt men gevraagd om zich eerst vertrouwd te maken met de fictieve uitgangssituatie van wat men nu te wachten staat. In het kort: in 2029 is ook in België een antidemocratische partij aan de macht gekomen, die enorme druk uitoefent op de verdedigers van de rechtsstaat en de democratie. Beldavia is een favoriete vluchtplaats geworden voor burgers die in België worden vervolgd.

Als je de “grenscontroles” bent gepasseerd, wordt je gevraagd om je eerst vertrouwd te maken met de elf wetten volgens welke het leven in je – hopelijk – nieuwe thuis functioneert.

Details worden hier niet onthuld, alleen dat vrouwen in Beldavia een prominente rol spelen.

De auteur van deze tekst heeft gekozen voor de rol van asielzoeker. Hij is aangekomen met zijn vrouw en kinderen, zo beschrijft het spelplan. Eerst moeten de nieuwkomers zich bij de douane melden. Dat werkt als volgt: je legt je identiteitskaart, die je bij de kassa in de ontvangstruimte van het museum hebt gekregen, op een lezer. Vervolgens wordt op een klein schermpje aangegeven (afhankelijk van de identiteitskaart en FR of NL) wat je vervolgens moet doen.

Asielzoekers moeten zich eerst naar het opvangkamp begeven om onderdak te krijgen. Vervolgens doorloopt men in een snel tempo alle stappen die asielzoekers in een proces van meerdere maanden te wachten staan: asielaanvraag, aanvraag voor financiële steun, woningzoektocht, gezondheidscontrole, interview over de asielredenen, werkzoektocht, taalcursussen en aan het einde staat dan het resultaat van de procedure.

Uiteraard verloopt alles in de landstaal. Ook de echte assistenten die in de tentoonstellingsruimte beschikbaar zijn, spreken een kunsttaal en maken gebruik van gebarentaal om de communicatie te ondersteunen. Op het gemeentehuis krijgt men een registratienummer in de beldaviaanse cijfers. Dit nummer moet men noteren, omdat men het in het verdere verloop van het spel nodig heeft.

Foto: Jürgen Klute

Na ongeveer een uur – afhankelijk van hoe grondig je de informatieborden over verschillende onderwerpen zoals het zoeken naar een woning, het zoeken naar een baan, gezondheid enz. bekijkt – heb je het parcours voltooid. En ook al gebeurt alles in versnelde tijd, je krijgt toch een idee van wat deze procedure voor asielzoekers betekent, hoe het steeds weer onzekerheid veroorzaakt en tegelijkertijd hoop geeft en frustratie met zich meebrengt. Toch heeft deze tentoonstelling ook humoristische kanten. Steeds weer wordt men naar de “Duimendraaierszaal/Salle des tournes-pouces” – Duimendraaierszaal – gestuurd als men op een beslissing moet wachten.

De tentoonstelling loopt sinds eind oktober 2025. Zoals de persvoorlichter van het museum zei, wordt de tentoonstelling vooral door scholen goed ontvangen. Maar ook voor volwassenen of gezinnen is het de moeite waard om deze tentoonstelling te bezoeken. Ze geeft op een speelse manier stof tot nadenken en nodigt uit om anders naar migranten te kijken. Uiteindelijk blijft alleen te hopen dat het fictieve scenario – België in 2029 – fictie blijft.

Als je eenmaal in het museum “La Fonderie” bent, is het ook de moeite waard om de permanente tentoonstelling te bekijken. Het museumgebouw is een oude bronsgieterij. De permanente tentoonstelling geeft dan ook een kijkje in de geschiedenis van deze vroege fabriek, waarvan naast het museumgebouw nog andere bouwruïnes op het industrieterrein bewaard zijn gebleven, inclusief oude machineonderdelen. Daarnaast toont de tentoonstelling producten van andere fabrieken die zich in de loop van de industrialisatie in Molenbeek hadden gevestigd, maar die inmiddels grotendeels hun activiteiten hebben stopgezet als gevolg van maatschappelijke ontwikkelingen.

Het meest interessante deel van de tentoonstelling is misschien wel het gedeelte dat in verschillende stappen de ontwikkeling van Molenbeek van dorp tot huidige stad weergeeft: 1810 – 1870 – 1910 – 1970 – 2014. Aan de hand van enkele afbeeldingen en korte teksten (FR/NL) wordt duidelijk hoe Molenbeek in

Foto: Jürgen Klute

de loop van de industrialisatie ruimtelijk is veranderd, hoe de leefomgeving van de inwoners stap voor stap werd gereorganiseerd en hoe het oorspronkelijke dorp een stad werd. Dit deel van de tentoonstelling is bijzonder interessant als men het werk van Henri Lefebvre “Het recht op de stad” (1968) en David Harvey “Rebellious Cities” (2013) in gedachten houdt en kijkt naar de huidige verdere ontwikkeling van de reorganisatie van de ruimte als gevolg van de digitalisering. Men kan zich een beeld vormen van wat het voor de ontwikkeling van stedelijke ruimtes betekent dat de digitalisering de economische waardecreatie steeds meer verschuift van de fysieke ruimte naar de digitale en virtuele ruimte (clouds).

Aan het einde van het bezoek aan het museum La Fonderie kunt u in het kleine museumrestaurant genieten van een kopje koffie of een lunch. Het restaurant wordt gerund door een vereniging (vzw). Opvallend is de prijsstelling: u kunt zelf een prijs bepalen, afhankelijk van de dikte van uw portemonnee.

Informatie over het museum:

Het museum is geopend van dinsdag tot en met zondag van 10.00 tot 17.00 uur. De normale toegangsprijs is 8 euro. Er zijn kortingen voor bepaalde leeftijdsgroepen en voor groepen. Met de Belgische museumkaart is de toegang gratis. Klik hier voor de website van het museum La Fonderie.

Titelafbeelding: Jürgen Klute

Auch ein Blog verursacht Ausgaben ...

… Wenn Ihnen / Euch Europa.blog gefällt, dann können Sie / könnt Ihr uns gerne auch finanziell unterstützen. Denn auch der Betrieb eines Blogs ist mit Kosten verbunden für Recherchen, Übersetzungen, technische Ausrüstung, etc. Eine einfache Möglichkeit uns mit einem kleinen einmaligen Betrag zu unterstützen gibt es hier:

588